PAPENDRECHT – Nederlanders ademen elk jaar minder vervuilende stoffen in, maar in 2018 is de lucht toch iets minder schoon geworden. Het RIVM noteerde namelijk zes procent meer fijnstof in de lucht dan in 2017. Wel nam de concentratie van stikstofdioxide af, zo blijkt uit recent gepubliceerde cijfers van het onderzoekinstituut.

In Papendrecht is de hoeveelheid stikstofdioxide in μg/m3 relatief hoog, namelijk 23,9, dit is het hoogste cijfer van alle Drechtsteden. De hoeveelheid fijnstof in μg/m3 is met 20,2 ook erg hoog, het op een na hoogste cijfer van alle Drechtsteden.

Ieder jaar analyseert het RIVM de luchtkwaliteit aan de hand van twee schadelijke gassen. Stikstofdioxide is een uitlaatgas dat wordt uitgestoten door verkeer. Fijnstof – dit zijn hele kleine, in de lucht zwevende stofdeeltjes – komt veel voor rondom veehouderijen. Beide stoffen kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid: een te hoge concentratie kan leiden tot luchtwegklachten of deze klachten verergeren.

Volgens het RIVM valt de stijging van de concentratie fijnstof deels te verklaren door het weer in 2018. Droogte heeft in combinatie met een veelal matige oostenwind mogelijk een rol gespeeld.

Sinds 2010 is de hoeveelheid fijnstof en stikstofdioxide in Nederland aanzienlijk verbeterd: van beide stoffen zit ondertussen een kwart minder in de lucht. Het RIVM verwacht dat de uitstoot in de komende jaren verder af zal nemen. Naar schatting is de hoeveelheid stikstofdioxide in 2030 met meer dan veertig procent gedaald. Ook zit er in dat jaar naar verwachting zo’n twintig procent minder fijnstof in de lucht.

Voor de blootstelling aan beide stoffen geldt een Europese grenswaarde. In Papendrecht bleef, net zoals elders, het gemiddelde in 2018 onder deze grenswaarde.

Vervuiling in de Drechtsteden:

Stikstofdioxide (in μg/m3) Fijnstof (in μg/m3)
Dordrecht 22,8                     19,9
Zwijndrecht 23,8                 19,9
Papendrecht 23,9                20,2
Alblasserdam 22,7               20,3
Sliedrecht 21,9                     19,6
H-I-Ambacht 23,4              20,0

Bron: RIVM