Column Peter de Liefde: Mijn droomfestival

0
80

PAPENDRECHT – Afgelopen zaterdag heb ik alle liedjes van de finale van het Eurovisiesongfestival gekeken. Dat was bij uitzondering. Sinds Vader Abraham in 2010 besliste dat Sieneke Nederland moest vertegenwoordigen, heb ik het aan me voorbij laten gaan. Nou ja, toen Anouk in 2013 meedeed heb ik, uit respect voor de unieke kwaliteiten van de enige Nederlandse rock-bitch, geïnformeerd hoe laat haar optreden verwacht werd en de TV aangezet op dat tijdstip en na haar optreden direct weer uit. Deze strategie heb ik volgehouden tot dit jaar.

Het was me namelijk de laatste jaren opgevallen dat ik me niet meer schaamde voor de Nederlandse inzendingen. Ik had gehoord dat de laatste editie van het festival door Nederland was gewonnen en het liedje, hoewel ik “loving you is a losing game” een hele rare zin vind, is wel smakelijk. Als het festival gewonnen wordt door dit soort liedjes is het misschien wel weer om aan te zien en te horen, dacht ik. Helaas, dat viel tegen. Ik vond het een grote bak met bagger met Frankrijk en Zwitserland als prettige uitzondering.

Ik heb mij vandaag afgevraagd hoe mijn droomfestival er uit zou zien en ik kwam tot het volgende:
1) Iedere deelnemer zingt in zijn eigen taal (dat was het enige goede aan het winnende liedje) want het is het leuk en leerzaam om te horen hoe je “Ik hou van jou” in het Moldavisch zegt.
2) Dansers zijn verboden. Wie heeft er in Godsnaam verzonnen dat de kracht van een lied daarmee wordt versterkt. Het leidt alleen maar af. De artiest wordt ook aanbevolen om of stil te staan, of te gaan zitten. Zo’n liedje duurt maar drie minuten! Niks broodnodige afwisseling.
3) Hetzelfde geldt voor lichteffecten. Ik wordt gek van dat geknipper.
4) Begeleidende muzikanten zijn verboden. Totaal overbodig. De nu 80-jarige en terecht bewierookte singer/songwriter Bob Dylan werd bekend toen hij z’n eigen liedjes op akoestische gitaar begeleidde, meer niet.
5) Het festival wordt niet uitgezonden op TV. Degene die geïnteresseerd is neemt verdikkeme maar eens de moeite om er naar toe te gaan. De beleving in een zaal of, nog beter, in de buitenlucht is tien keer zo intens. Liefst in je eigen achtertuin eigenlijk.
6) Er is maar éen deelnemer. Dan zijn we meteen van dat vervelende competitie-element af. Kunst en competitie horen niet bij elkaar.

Beste lezer, ergens in mijn achterhoofd klinkt een Nederlands songfestivallied dat beschrijft hoe de liedkunst heel, heel lang geleden werd beoefend. En, misschien was dit wel onze beste inzending ooit. Ach, laat ik hem maar gewoon opzetten.