Deze vijf vogelgeluiden kun je nu horen in de natuur

0
130

REGIO – De lente is het beste seizoen om vogels te horen zingen. Met deze tips leer je vijf vogelgeluiden herkennen die je nu kunt horen in park, bos en soms in je eigen achtertuin.

Wist je dat een mannetjesmerel steeds beter gaat zingen, naarmate hij ouder wordt? Oefening baart kunst. Een zingende merel, dat geluid herkennen we allemaal wel. Tijdens een wandeling door het Lage Bergse Bos in Bergschenhoek, leert Jonathan Leeuwis, boswachter bij Staatsbosbeheer ons hoe je ook andere vogelgeluiden makkelijk kunt herkennen.

Koolmeesje klinkt als een fietspomp
Een zingende koolmees, dat is volgens boswachter Jonathan “een classic voorjaarsgeluid”. Zodra de temperatuur een beetje stijgt begint de koolmees al te zingen. “Tutie, tutie, tutie”, doet de boswachter het geluid na. “Als je je fietsband oppompt met een pomp die wat stroef loopt, nou ja, dát is de zang van de koolmees.”

De grote bonte specht
“Tiek, tiek, tiek!”, dat is puur het geluid van een grote bonte specht. “Mensen denken bij spechten gauw aan dat geroffel van die snavel die tikt op het hout, maar grote bonte spechten hebben ook hun eigen roep.”
De groene specht lacht je uit
“Het geluid van een groene specht, dat vind ik altijd zo kicken”, zegt de boswachter enthousiast als we door het bos lopen en opeens “klu, klu, klu, klu”, horen. “Het klinkt alsof de groene specht je uitlacht.”
Roffelen zoals de grote bonte specht, doet een groene specht volgens de boswachter maar weinig omdat hij vooral op de grond naar mieren zoekt en omdat zijn schedel minder hard is dan die van de bonte specht. In de schedel van de grote bonte specht schijnt een soort sponsje te zitten waarmee hij de grootste klappen opvangt: “Dan krijgt hij niet meteen een hersenschudding zodra hij tegen een boom ramt.”

Winterkoning zingt met zijn hele lijf
Daar in die es, daar zit een winterkoning, wijst de boswachter. De meeste vogels zingen met hun snavel, maar de kleinste broedvogel van het Lage Bergse Bos gebruikt zijn hele lijf bij het zingen. “Kijk die vleugeltjes wapperen en die staart die op en neer gaat, gigantisch wat een herrie zo’n klein vogeltje kan maken.”

Tjiftjaf zingt zijn eigen naam
Over kleine vogeltjes gesproken, de tjiftjaf is wat boswachter Jonathan een kbv’tje noemt: een klein bruin vogeltje. De tjiftjaf overwintert in Zuid-Europa en in Zuid-Afrika en is een van de eerste vogels die in het voorjaar terugkeert naar zijn broedgebied. Lastig te herkennen misschien zo’n kbv’tje, maar niet als je hem hoort zingen, want de tjiftjaf roept zijn eigen naam.

Waarom vogels zingen
De meeste vogels zingen om hun territorium te beschermen of om vrouwtjes aan te trekken. Ze zingen vooral wanneer de zon opkomt, maar de zanglijster bijvoorbeeld is volgens de boswachter een uitzondering, die begint al te zingen voordat het licht wordt en houdt daarmee pas na de schemer op. “Nou, dan moet je lange dagen maken als zanglijster zijnde.”

Dit artikel is samengesteld uit reportages in Chris Natuurlijk, het programma over groen en natuur dat iedere zaterdag van 08:00 tot 09:00 is te horen op Radio Rijnmond.

Dit artikel is afkomstig van onze mediapartner RTV Rijnmond.