Stefan is razend als hij weer geen afspraak kan maken: ‘ik steek de burgemeester zijn huis met kind en al in de fik’

0
140

REGIO – Een inwoner van Capelle aan de IJssel verliest zijn zelfbeheersing als hij belt met de gemeente. Hij zegt vreselijke dingen en belandt voor de rechter. Maar als iemand zo ten einde raad is, verdient hij dan ook straf? “Ik ben echt in staat om mensen in brand te steken bij het gemeentehuis”, briest Stefan* tegen de telefoniste.

“Echt, ik ga langs die kankerburgemeester en steek zijn hele huis met kind en al in de fik.” Stefan is op dat moment wanhopig en woedend. Een half jaar later zit hij voor de rechter. Maar dan is hij een andere man dan die van het woeste telefoongesprek.

Stefan heeft stekeltjeshaar en leunt voorover met zijn ellebogen op tafel. De officier heeft zojuist zijn heftige teksten van juli 2023 voorgedragen. We weten heel precies wat er is gezegd, omdat de gesprekken met het klantcontactcentrum van de gemeente worden opgenomen. Het valt stil nadat de officier vertelt hoe het kind van de burgemeester in brand moet. “Daar gaan we het dus over hebben. Of u de burgemeester heeft bedreigd”, zegt de rechter.

Kastje naar de muur
“U had spijt”, zegt de rechter er meteen achteraan. “Ik heb méér dan spijt”, zegt Stefan. “Dit had niet mogen gebeuren. Ik ben lang bezig geweest om de problemen te voorkomen. Ik was bezig een dak boven mijn hoofd te houden. Maar dat werd niet echt opgepakt.” De rechter lijkt begripvol: “U voelde zich onbegrepen. Een kastje naar de muur-verhaal. De druppel die de emmer deed overlopen?”

“Al bijna twee jaar sliep ik slecht. Ik was bijna bij met alles. Overal begrepen ze me, behalve bij de gemeente”, zegt Stefan. Hij klinkt inderdaad schuldbewust. Hij weet dat hij fout zat tijdens zijn woedende telefoongesprek. Als Stefan door het lint gaat, verkeert zijn leven op een dieptepunt. De dertiger heeft lichamelijke problemen, kan niet meer werken, zit somber thuis, belandt in de schulden en dreigt zijn huurwoning te verliezen. “U komt nu heel rustig over, maar wat u toen zei was minder rustig”, zegt de rechter.

Stefan weet het niet meer en zijn laatste hoop is een verlossend gesprek met de gemeente. Een gesprek waarin de helpende hand wordt uitgestoken. “Het ging allemaal om uw financiële situatie. Maar doet u dit nu een volgende keer weer?” Beslist niet, zegt de verdachte. “Ik heb hiervan geleerd.” Hij buigt zijn hoofd. De rechter: “Overal in het rapport wordt gesproken over de spijt die u heeft. En ik zie u schuldbewust zitten.” Het is overigens de eerste keer dat Stefan voor de rechter zit, hij is een ‘first offender’.

Excuses
“U zou graag excuses willen maken naar de burgemeester”, zegt de officier van justitie. “Maar heeft u dat al gedaan?” Nog niet, zegt Stefan. Hij heeft nog altijd een contactverbod en dan zijn zelfs excuses een overtreding. “De clou dat we u vervolgen is dat deze mensen de afschuwelijkste dingen naar hun hoofd krijgen. Met excuses kunnen we het een beetje goedmaken. Veel meer dan met een gevangenisstraf.”

“Een stap na deze zitting is om daar eens naar te kijken”, zegt de officier. “Dat is logisch”, zegt Stefan. Soms zijn rechtszaken intense gevechten. Heel soms gaat het echt te ver en schreeuwt de verdachte naar de rechter, verliest de rechter zijn zelfbeheersing of vliegen advocaten en officieren elkaar figuurlijk in de haren. Maar bij Stefan en zijn dreigementen is niets van dit alles terug te zien, het is een uiterst harmonieuze zitting tot zover.

De officier stookt het vuurtje toch een beetje op tijdens haar strafeis. “Wat betreft het bewijsmateriaal hoeven we nauwelijks stil te staan. Zo zie je maar hoe er achter zo’n heftig verhaal in de krant een heel verhaal zit. Maar dit was wel een afschuwelijke bedreiging. Burgemeesters hebben het al zo zwaar. Daarom komt er 200% bovenop de eis.”

Geldproblemen
Ze vraagt uiteindelijk 1150 euro boete. “Maar meneer heeft al zulke geldproblemen. Daarom eis ik een taakstraf van veertig uur. Ik zie geen reden tot het verlengen van het contactverbod.” Stefan zit er verslagen bij als hij dat hoort. Hij lijkt mentaal aangeslagen. Eerder werd al duidelijk dat er veel is gebeurd in zijn jeugd. Maar daarover wil hij niet uitweiden met een journalist in de zaal.

“Mijn client heeft meermaals contact met de gemeente voor hulp”, zegt de advocaat van Stefan. “Hij dreigde zijn woning kwijt te raken. Hij werd van het kastje naar de muur gestuurd en werd niet geholpen. Op 27 juli lukt het weer niet om een afspraak te maken en dat was de druppel. Hij heeft de opname teruggeluisterd en dat liet hem niet onberoerd. Het hele incident is een grote fout. Maar wat hij zei, zou hij nooit echt uitvoeren.”

Het gaat nu beter. Hij krijgt alsnog hulp met zijn financiën van de gemeente. Stefan sluit even zijn ogen. Hij snakt naar het einde van de rechtszaak, zo lijkt het. Hij zakt nog verder voorover. “Het laatste woord is aan u”, zegt de rechter. “Wat is er nog niet gezegd?” Stefan steekt zijn handen omhoog. “Niks. Ik zou het echt niet weten.”

Het vonnis
“Deze bedreiging is een totaal gebrek aan respect aan het adres van de burgemeester en het openbaar gezag. Dat reken ik u aan. Een boete is een gepasseerd station, dat betekent dat ik een taakstraf opleg.” Stefan krijgt dertig uur. Dat is een milde straf, hij werkt inmiddels met de gemeente aan zijn problemen en dat waardeert de rechter. Het contactverbod wordt opgeheven. “Als u geen hoger beroep instelt, kunt u de brief gaan schrijven”, sluit de rechter af.

*Omwille van zijn privacy is de naam de verdachte fictief. De redactie van Rijnmond kent zijn ware identiteit.

Dit is een verhaal van Maurice Laparlière voor onze mediapartner Rijnmond.