De nieuwe baas van de veiligheidsregio: ‘Een klein incident kan hier razendsnel groot worden’

0
4
Angela de Ruiter, foto Veiligheidsregio ZHZ

Ze groeide op tussen de dijken en rivieren en staat nu aan het roer van de organisatie die haar regio moet beschermen. Sinds 1 januari is Angela de Ruiter de nieuwe directeur van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid. “Je weet nooit welke ramp er komt. Maar dat er weer een ramp komt, daar moeten we niet naïef in zijn.”

Angela de Ruiter is geen onbekende in de regio. “Ik kom oorspronkelijk uit Hardinxveld en woon nu in Gorinchem.” Ze kent de dijken, de dorpen en de problemen. Haar boodschap is helder: de risico’s op overstromingen, stroomuitval en incidenten met gevaarlijke stoffen zijn groot. “Je weet nooit welke ramp er komt.”

Haar loopbaan begon niet in de veiligheidswereld, maar in de zorg. Op de spoedeisende hulp en de huisartsenpost. “De acute kant van de zorg sprak me altijd aan,” zegt ze tegen Rijnmond.

“Mensen die net even een stapje harder zetten om anderen te helpen.” Die mentaliteit herkent ze nu bij de brandweer. “Het zijn doeners. En dat ben ik zelf ook.”

Telefoon naast het bed
Sinds 1 januari staat ze aan het hoofd van de veiligheidsregio. Een baan die nooit stopt. “Mijn telefoon ligt altijd naast mijn bed,” zegt ze. “Je bent eigenlijk 24/7 beschikbaar.” Toch probeert ze grenzen te stellen. “Na negen uur ’s avonds ga ik niet meer actief zoeken naar informatie. Als er echt iets is, word ik wel gebeld.”

De regio waar ze verantwoordelijk voor is, blijkt complexer dan veel mensen denken. Zuid-Holland Zuid is namelijk een knooppunt van wegen, water en spoor. “Er gaat hier niet alleen suiker of meel over de weg. Maar ook chemische stoffen.” En met industrie, transport en water komt risico. Dat water is misschien wel de grootste dreiging.

Ze herinnert zich 1995 nog goed. “Er was een scenario dat de dijk zou doorbreken om Gorinchem te sparen,” vertelt ze. “Dan zou het water bij ons zes meter stijgen.” Dat scenario is uiteindelijk niet uitgevoerd, omdat de dijken het nét hielden. Maar het laat zien hoe dichtbij een echte overstromingsramp Nederland toen was. “Als je dat beseft, weet je hoe kwetsbaar deze regio is.”

Stroomuitval
Maar de dreiging zit niet alleen in het verleden. Nieuwe risico’s dienen zich voortdurend aan. Denk aan stroomuitval.

“Het hoeft niet eens een aanval te zijn,” zegt ze. “We zijn gewoon kwetsbaar geworden.” En het echte probleem? Niet alleen de storing zelf, maar hoe mensen reageren. “Als mensen niet weten hoe lang het duurt, raken ze in paniek.”

Die onrust kan een crisis verergeren. “Mensen willen naar huis, naar hun kinderen,” legt ze uit. “Dan krijg je verkeerschaos.” En ondertussen stapelen problemen zich op: een stroomstoring, extreem weer, een ongeluk met gevaarlijke stoffen. “Dan moet je keuzes maken. Daar bereiden wij ons op voor.”

Haar belangrijkste boodschap is daarom simpel, maar confronterend: mensen moeten zelf meer doen. “Kun jij 72 uur zelfredzaam zijn?” vraagt ze. “Dat zou eigenlijk normaal moeten zijn.” Een noodpakket hoeft volgens haar niet ingewikkeld te zijn, zelf heeft ze er ook één. “Het gaat om bewustwording. Neem gewoon eens iets extra’s mee uit de supermarkt.”

Noodpakket
Toch begrijpt ze dat een noodpakket niet voor iedereen vanzelfsprekend is. “Voor sommige mensen is het al moeilijk om elke dag eten op tafel te krijgen.” Daarom zoekt de veiligheidsregio ook samenwerking met gemeenten, voedselbanken en geloofsgemeenschappen. “We moeten ook oog hebben voor kwetsbare groepen.”

Die samenwerking is belangrijk, want de veiligheidsregio kan het niet alleen. “Je kunt niet altijd meteen bij de overheid aankloppen,” zegt ze. Want in de praktijk zijn ze bij bijvoorbeeld een stroomstoring juist volop bezig met acute inzet, zoals het helpen van mensen uit liften, het verlenen van eerste hulp en andere directe noodhulp.

“De overheid doet ook een beroep op jou.” Ze bedoelt daarmee: je buren kennen, afspraken maken, omkijken naar elkaar. “Als jij het op orde hebt, kun je een ander helpen.”

Maak simpele voorbereidingen
En precies daar zit volgens haar de sleutel. Voorbereid zijn. Niet in grote woorden, maar in kleine acties. “Het begint bij simpele dingen,” zegt ze. “Zorg dat je vluchtroute vrij is. Weet waar je sleutel ligt. Maak afspraken met je gezin.”

Uiteindelijk draait haar werk om één harde realiteit. “Je weet nooit welke ramp er komt. Maar dat er weer een ramp komt, daar moeten we niet naïef in zijn.” En daarom moet de veiligheidsregio denken in scenario’s, oefenen en vooruitkijken. Zoals ze zelf zegt: “Een klein incident kan hier razendsnel groot worden.” Ze bedoelt dat grote incidenten hier zelden voorkomen, maar dat de voorbereiding daarop wel serieus wordt genomen.

Dit is een artikel van onze mediapartner Rijnmond.

Volg ons ook op ons WhatsApp kanaal: https://whatsapp.com/channel/0029VaoRvYF6rsQtr0tBRu3u